"Karel Kok"

DBO met Snoerie.

Snoerie stopt met instructie geven. Klinkt eigenlijk raar want binnen het instructiecorps is een rooster zonder Snoerie moeilijk voor te stellen.

In de 30 jaren dat ik vlieg was je altijd luid en duidelijk aanwezig. In mijn beleving heb ik je in verschillende vormen gekend. Voor een groot deel ligt dat natuurlijk ook aan mij. Als 15 jarig knulletje die een vereniging binnenstapt ervaar je dingen anders dan nu na jaren (levens- en vlieg-) ervaring. Als ik zo terugdenk ben je zelf ook nogal veranderd met het langzaam verliezen van je wilde haren. Sterker nog, je wilt je nogal eens hard opstellen tegen dingen die je vroeger zelf zeker met verve deed, al dan niet in de kantine. Ach wat is wijsheid. 

30 jaar geleden was een instructeur nog heilig. Daar had je ontzag voor, die waren zeer ervaren. Jij bent ook ervaren op velerlei gebied, en ik heb erg veel van je geleerd. Dat je me vroeg om je op te volgen als chef instructeur maakte me vereerd maar ook onzeker. Hoe kon ik nu deze ouwe rot opvolgen? Je oplossing was even simpel als doeltreffend, je werd tijdelijk mijn rechterhad, zodat ik op je ervaring kon steunen. Vooral in vlootontwikkeling was dat voor mij erg waardevol Snoerie.
Nog een uitsmijtertje, want het verzoek was om iets leuks uit de herinnering te pulken.

27 augustus 1978, zwakke west-zuidwesten wind en dus een zuidelijk circuit. Fred de Mooi had dienst. Fred was niet echt mijn maat. Op een of andere manier had hij iets tegen me, en ik tegen hem. Maar goed ik had mijn zweefvliegbewijs en hem niet nodig.
Voor me start Robbie in de rooie acht. Ik zie hem loskomen en proberen de rook van de NSM te bereiken. Hij haalt het niet en keert terug. Ik kom even later op 580 meter los en probeer het ook. Jawel, aansluiting en omhoog met het zesje. Heerlijk, vooral omdat verder niemand na mij dat lukt. Na drie kwartier sta ik dus met een grote smile op de startplaats terug.
Maar dan is daar Fred ineens. “Je bent toch zulke goede vriendjes met Wim Polderman” zegt hij bars. “Dan moet je weten hoe slecht die rook is, maak jij maar een DBO start”. Ik sputter tegen, ben boos, het slaat nergens op. Maar het helpt niet.
Later in de middag ben jij er ook. Aha de chef. Ik spui mijn gal tegen je. Je begrijpt het maar zegt dat je zijn beslissing niet kan terugdraaien. Maak die check maar met mij zeg je en je liep  weg.
Om half vijf (!) zit ik in de Ka-7 en kom jij naar de kist. Heb je een paspoort bij je vraag je. Even snap ik het niet maar bevestig je vraag. We starten en pikken een bel.  Als we op 1100 meter zitten steken we zuidwaarts. Later heb ik gehoord dat Fred op de startplaats boos heeft gevraagd wie daar zo ver zat, en dat het antwoord hem niet echt plezierde.
Zo maakt ik mijn eerste Overland. 45 kilometer naar Woubrechtegem. Naast deze mooie ervaring kan ik nog altijd glimlachen om je oplossing van het probleem. Je bent Fred niet afgevallen. Nou ja, strikt gezien niet, hihi.

Karel

Terug     Home