KNVvL zet Snoerie met zilveren ere-insigne in het zonnetje

door: Joop van Dalfsen

Een enkeling beschouwt hem als een oude brompot, die nog wel eens lomp uit de hoek kan komen. Niet verwonderlijk, want hij zegt altijd recht-voor-zijn-raap en onverbloemd waar het op staat en daar kan niet iedereen even goed tegen. De meesten kennen hem echter als een harde werker, met een heel persoonlijke humor, die eenmaal gedane toezeggingen nakomt. Hij is de afgelopen jaren de trekker geweest van menige kar, zowel bij de EACzc als bij de Eerste Zeeuws-Vlaamse Aeroclub in Axel. Afgelopen zomer zette de KNVVL hem met een zilveren ere-insigne in het zonnetje voor de vele verdiensten die hij heeft verricht voor de club in Axel. Henk van der Heijden, bij de meesten beter bekend als Snoerie, is ook een bescheiden mens: " Wat er in Axel is opgebouwd, is niet alleen mijn werk. Daar hebben alle leden keihard aan meegewerkt."

Hij weet het nog precies: op 3 september 1956 werd hij lid van de Eindhovense Aero Club. Een paar dagen na zijn vijftiende verjaardag. De toenmalige mulo-scholier was toen al jarenlang hevig geïnteresseerd in vliegen. Hij bracht vele uren door aan het hek van het vliegveld Welschap en zag daar zelfs een militair toestel neerstorten. Zijn hunkering om zelf te vliegen werd er niet minder om. "Mijn ouders zagen dat aanvankelijk echter niet zo zitten. Misschien omdat er in die tijd wat vaker ongelukken gebeurden. Pas toen ik vijftien was mocht ik lid worden."

Een jaar later, tijdens een kamp op Haamstede, kwam hij solo. In verband met zijn militaire dienst en een avondstudie duurde het tot 1963 voordat hij zijn zweefvliegbewijs haalde. Daarna ging het allemaal heel snel. In 1968 werd hij bevoegd instructeur op een manier die helemaal bij hem past. "Ik moest examen doen daags nadat ik was getrouwd. Pas daarna konden we op huwelijksreis. Nou ja, dat moest dan maar zo." 

Een jaar later belde de toenmalige secretaris van de KNVvL. Of hij er iets voor voelde om af en toe ook instructie te geven in Zeeuws-Vlaanderen. De club daar was kort daarvoor opgericht en draaide helemaal op gastinstructeurs. "Ik heb dat gedaan, later ben ik nog eens teruggegaan en ja, toen ben ik er blijven hangen." Snoerie herinnert zich die eerste jaren in het Zeeuwse nog heel goed. Met een brede grijns op zijn gezicht vertelt hij hoe de instructeurs daar werden bejegend: "Elke morgen kreeg je van iedereen een hand. En je werd aangesproken met meneer. Ik was daar meneer de instructeur."
De club was volledig in opbouw. "Ze hadden een lier die er verschrikkelijk amateuristisch uitzag. Toen ik vroeg of ze even het kapmechanisme wilden demonstreren keken ze me aan of ik gek was. Maar het werkte allemaal perfect." Snoerie werd in 1973 benoemd tot chef-instructeur. Hij zette een eigen instructeurs opleiding op poten en hielp de club met allerlei acties aan geld om steeds opnieuw het veld in te richten. "Aanvankelijk vloog de vereniging in Hulst op een veldje dat eigendom was van een boer. Toen dat niet meer mocht, verhuisden we naar een hobbelig stuk grond vol kuilen in de gemeente Hoek. Doordeweeks gebruikte de eigenaar het als weiland. In het weekend moesten wij eerst de koeien wegjagen. Met pretoogjes voegt hij daar in een adem aan toe: "Het betekende ook dat we letterlijk in de stront vlogen. Kabels aanhaken was in die tijd bepaald geen frisse bezigheid."
Daarna verhuisde de club, die inmiddels is uitgegroeid tot honderd leden, naar Axel. " We hebben daarginds de afgelopen jaren veel bereikt. Er zijn inmiddels vijftien instructeurs, het is een prachtig veld met uitstekende voorzieningen en een fraaie camping." Een vergelijking maken tussen de Zeeuwse club en de EACzc, wil Snoerie eigenlijk niet. "Als ik tussen die twee zou moeten kiezen, weet ik ook niet hoe dat zou uitpakken. Het zijn twee totaal verschillende clubs." Voorzichtig licht hij toe: "Eindhoven heeft veel prive-vliegers. In Axel zijn die er vrijwel niet. In Eindhoven merk ik dat veel leden het vanzelfsprekend vinden dat er van alles wordt geregeld. Door anderen wel te verstaan. In Axel werkt iedereen spontaan mee als er wat moet gebeuren. De betrokkenheid bij de club is er groter. Of dat altijd zo zal blijven is overigens nog maar de vraag."

Snoerie heeft een grote voorliefde voor het organiseren van allerlei spektakels die geld opleveren voor de club. Dat geldt zowel voor Axel als voor Eindhoven. Tijdens de opening van Eindhoven Airport vergaarde hij dankzij de verkoop van bierblikjes, een " verplichte" loterij voor de bezoekers van een beurs en rondvluchten maar liefst 89.314 gulden voor de Eindhovense Aero Club. Met name de bierverkoop was lucratief, weet hij nog. "Samen met enkele andere leden had ik daarvoor een hele creatieve manier bedacht, laten we het daar maar op houden," zegt hij lachend. 

Henk van der Heijden draagt al veertig jaar een groot geheim met zich mee: de oorsprong van zijn bijnaam. Ook nu wil hij daar niet meer over zeggen dan dat het helemaal niets te maken heeft met zweefvliegen. "Ik werd voor het eerst Snoerie genoemd op de mulo. Waarom, dat blijft een zeer goed bewaard geheim. Enkele klasgenoten waren al lid van de EAC. Toen ik op het veld verscheen is mijn bijnaam via hen bij de club terecht gekomen." Inmiddels is de naam niet meer weg te denken in zweefvliegend Nederland. Maar ook daarbuiten is Snoerie een gekende naam, niet in de laatste plaats dankzij de drager zelf. De naamplaat naast zijn voordeur vermeldt dat daar ene Snoerie woont en destijds toen hij in het huwelijk trad verstuurde het aanstaande echtpaar twee soorten kaarten: op de een stond zijn echte naam en op de andere zijn bijnaam.

De afgelopen 38 jaar maakte hij ruim 10.800 starts, waarvan het merendeel als instructeur. Een paar honderd keer is hij overland geweest. Zowel de Eindhovense Aero Club als de Eerste Zeeuws-Vlaamse Aero Club hebben veel aan hem te danken. Hij peinst er niet over het rustiger aan te doen. "Ik vind het nog steeds leuk van alles te organiseren en te ondernemen, zeker als de club er beter van wordt. Daarmee stop ik pas als ik moet ophouden met vliegen en zover is het voorlopig nog niet."


.

Terug naar: "hoe komt snoerie aan zijn bijnaam?"

Terug

Home